De Griekse keuken
Gastronomisch Grieks genieten...

Er was
eens…
…een dichter uit Gela, Archestratus, tijdgenoot van Alexander de
Grote (rond 330 v.C.). En dat was zo’n enorme lekkerbek dat hij het presteerde om een van de langste tochten
naar vele geciviliseerde landen van de oude wereld te maken om informatie te verzamelen over de
gastronomische gewoonten van die mensen en plaatsen waar de beschaving al een hoogtepunt bereikte voordat dit
in Griekenland het geval was….
De Griekse oudheid liet zich ook op culinair/gastronomisch vlak
gelden, zo blijkt.
Gedurende de allereerste jaren van onze geschiedenis waren de
Grieken reeds zò geïnteresseerd in de kookkunst dat zelfs schrijvers en filosofen niet aarzelden om zich
bezig te houden met het maken van verschillende combinaties, het vervaardigen van verrukkelijke schotels en
bonbons en het vermelden van de desbetreffende recepten in speciale kookboeken. Deze kookboeken zijn naar
alle waarschijnlijkheid de eerste in hun soort geweest.
’s Werelds eerste gastronoom is volgens de verhalen de Griek
Epistratus, hij schreef het epische "Hedypathia" (wellustigheid). Dit werd zo'n plezierig en
aantrekkelijk boek gevonden dat deze Epistratus de titel "Hesiodus van de Lekkerbekken" veroverde. Zijn boek
werd later vertaald in het Latijn onder de titel: "Hedipathetica" door de beroemde eerste
Romeinse dichter Ennius.
Een andere gastronomisch specialist was de dichter Temachidas van Rhodos; elf boeken
stelde hij samen onder de titel "Diner
Beschrijvingen".
Helaas gingen genoemde werken en vele andere lofzangen over de
Griekse maaltijden en banketten verloren in de verwoestende vlammen die de Bibliotheek van Alexandrië in de
7e eeuw
velden.
Gelukkig beschreef de schrijver Athenacus de genoemde gastronomen
in zijn werk “Geleerden aan tafel” (Deipnosophisten).
Zo’n tweehonderd jaar vóór de Klassieke Tijd begon de Griekse
kooktechniek zich echt te ontwikkelen en bloeide gedurende de Gouden Eeuw volop. Het Grieks talent beleefde
hoogtijdagen met betrekking tot het verzinnen van groenten- en vleescombinaties welke een tot dan toe
ongekend speciale smaak opleverden.

Klassieke
Ontwikkeling
Niet alleen
aten ze de vis die ze zelf vingen in de Saronische Golf, maar ook voerden ze Muggria (grote zeepaling) in, een
soort rode poon vanuit Sicyon en diverse vissoorten aan de noordelijke kust van de Peloponnesus. Zelfs de
nederige ‘marida’, een klein visje, werd gebakken in veel olijfolie als een goddelijk gerecht beschouwd. Ook
waren de Atheners dol op......
Dit
is een fragment uit ons E-Zine Heerlijk
Betaalbaar,
in
totaal ruim 128 pagina's leesvoer, lees het vervolg......
terug naar alle keukens
|